RECENTE PUBLICATIES

BIBLIOTHEEK

In een handomdraai een helder overzicht van de honderden artikelen in onze bibliotheek.

» Uitgebreid zoeken

ACTUALITEITEN

  • ‘Beroepseed voor bankiers wenselijk’
    AMSTERDAM – Er moet wereldwijd een beroepseed komen voor iedereen die werkt bij een onder toezicht staande financiële instelling. Dat kan een bank zijn, maar ook een pensioenfonds of een aanbieder van teakhout. Die beroepseed zou je kunnen vergelijken met de eed die reeds bestaat voor artsen en notarissen.

    Dat schrijft oud-Bankier Hans Ludo van Mierlo in zijn recent verschenen boek Gepast en ongepast Geld. Volgens van Mierlo is

    de kredietcrisis vooral een morele crisis. ‘Een permanente stoorzender voor ethisch bankieren is de eenzijdige gerichtheid op het scheppen van waarde voor aandeelhouders.’ Zaken van maatschappelijk belang worden volgens hem amper meer besproken: het gaat alleen nog maar om geld. Klantwaarde is ondergeschikt aan aandeelhouderswaarde, ook al zitten de depositohouders met meer geld in banken dan beleggers en investeerders. Vroeger waren financiële instellingen één met hun maatschappelijke doelstelling. Zo was de Boerenleenbank er voor boeren, en gaf de Nederlandse Middenstandbank mkb’ers krediet. Maar die focus is verschoven naar kwartaalcijfers en winstmaximalisatie. Zo kon het gebeuren dat ABN Amro een paar jaar terug zonder al te veel scrupules klanten afstootte die te weinig opleverden.

    ‘Absurde beloningen topbestuurders’
    In de visie van de oud-bankier gaat het momenteel om de vraag: willen we zo veel mogelijk winst op korte termijn of willen we ‘goede winst’ – winst die meer is dan alleen financieel succes voor de leden en aandeelhouders.
    Van Mierlo: ‘Ik pleit ervoor om de traditionele maatschappelijke rol van banken te herstellen.’ Ook pleit hij aan het einde van zijn boek voor een beloning voor topbestuurders die gerelateerd is aan winstresultaten op de lange termijn. In het huidige systeem van winstmaximalisatie zijn niet klanttevredenheid en maatschappelijke prestaties maatgevend, schrijft hij, maar de boekhoudkundige goochelvaardigheid. ‘Dat leidt soms tot absurde beloningen.’

    Wie neemt het initiatief voor de eed?
    Het initiatief voor een beroepseed zou kunnen komen van de Europese Banken Federatie, de Europese Centrale Bank, de Bank for International Settlement of het Internationale Monetaire Fonds.

    Directie en commissarissen moeten missie actualiseren
    Banken kunnen echter zelf ook iets doen om het interne geweten van hun organisatie te versterken. Het actualiseren van de missie van de organisatie, het introduceren van een gedragscode en het permanent prikkelen van de beroepseer. Dat laatste kan door nieuwe medewerkers tegelijk met hun arbeidscontract een gedragscode te laten tekenen en de naleving van de code te betrekken bij voortgangs- en beoordelingsgesprekken en de beloning. De compliance afdeling zou dat moeten monitoren.

    Rol toezichthouder AFM
    Toezichthouders spelen bij de discussie over ethisch bankieren nog een halfslachtige rol, meent Van Mierlo. ‘Met name de Autoriteit Financiële Markten profileert zich graag door openlijk te wijzen op de fouten van financiële dienstverleners.’ Dat werkt averechts meent hij: ‘Het leidt eerder tot formeel en onpersoonlijk gedrag en het rigide naleven van regels, en dus risicomijdend gedrag, dan tot zelfbewuste en maatschappelijk gedreven bankiers.’ Liever ziet hij de AFM optreden als coach en gesprekspartner van de sector.

    Van Mierlo werkte voorheen o.a. bij de NMB Bank, de NMB Postbank Groep, de ING Groep en de Rabobank Groep. Zijn boek is uitgegeven door Scriptum.

    De eed die Hans Ludo van Mierlo voorstelt, luidt als volgt:

    ‘Ik zweer en-of beloof dat ik mijn werk als financiële dienstverlener zo goed als ik kan, zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik stel het belang van de klant voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal mijn klant niet benadelen. Ik luister  goed naar mijn klant en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen. Ik ken mijn verantwoordelijkheden voor de samenleving, nu en straks, hier en elders, en hou daar in mijn werk rekening mee.’

Meer nieuws